Meadow birds

De grutto heeft het dit voorjaar erg moeilijk in het Groene Hart

Veertig jaar geleden broedden er nog 100.000 paartjes grutto's in Nederland. Daarvan zijn er nu nog maar zo'n 40.000 over. De grutto (Limosa limosa) gaat al 20 jaar met ongeveer 5% per jaar achteruit in Nederland. Als deze trend doorzet, ziet het er slecht uit voor het voortbestaan van de grutto. In het Groene Hart voert Staatsbosbeheer in samenwerking met boeren al jarenlang graslandbeheer op maat. Er wordt pas laat gemaaid, zodat de jonge grutto's in het veilige, hoge gras voldoende beschutting en eetbare insecten kunnen vinden. Dit leidde ook tot succes: vorig jaar verbleven recordaantallen grutto's en hun kuikens in het Groene Hart. Maar dit voorjaar is voor de kwetsbare weidevogelsoorten een tegenvaller: tot nu toe zijn ongeveer de helft tot zeventig procent van de aantallen grutto's van vorig jaar aan het broeden gegaan in de Donkse Laagten en De Wilck.

Henk Tennekes spreekt op het Slow Food Filmfestival op 12 mei 2013 in Deventer

Na het succes van vorig jaar organiseren Filmhuis De Keizer en Slow Food IJsselvallei op zondag 12 mei a.s. het 2e slow food film festival deventer. Met bijzondere films en tussendoor genieten van volop Lekker, Puur en Eerlijk eten en drinken. De films brachten heel verschillende kanten van ons ‘food’ in beeld: de achtergronden en bedreigingen van onze voedselvoorziening, de hartstocht voor voedingsproducten en het gastronomisch genieten. Van 17:15 - 17.45 werd de film More than Honey ingeleid door dr ir Henk Tennekes, toxicoloog en pleitbezorger voor een verbod op toepassing van insecticiden die bijenvolkeren en insecten in het algemeen bedreigen. De voordracht is bijgevoegd.

The never ending story - de Nederlandse weidevogels leggen het loodje

Neemt het aantal broedende weidevogels in Nederland al gestaag af, dit jaar zal de daling nog groter zijn, verwacht Aletta van der Zijden van het Landschapsbeheer Zuid-Holland. Het Landschapsbeheer Zuid-Holland draagt zorg voor het landschap. Ze geeft voorlichting en stuurt vrijwilligers zoals weidevogelaars en wilgenknotters aan. Enkele cijfers: Het eerste kievitsei in alle provincies van Zuid-Holland werd in 2011 tussen 6 en 17 maart gevonden. In 2012 was dat tussen 10 en 19 maart. Dit jaar werden de eerste eieren tussen 21 maart en 8 april gevonden.

Bestrijdingsmiddelen, en niet de gewasproductieverhoging, zijn de primaire oorzaak van de enorme achteruitgang van weidevogels in de VS

Een recente studie wijst het gebruik van bestrijdingsmiddelen aan als de belangrijkste oorzaak van de achteruitgang van weidevogels in de Verenigde Staten, en heeft de bezorgdheid over effecten op de natuur doen toenemen. Onderzoekers in het Verenigd Koninkrijk en Denemarken hebben onderzocht waarom weidevogels sneller zijn achteruit gegaan dan vogels in enig ander bioom - waarbij vaak verbanden werden gelegd met het gebruik van bestrijdingsmiddelen - maar vergelijkbaar onderzoek was niet uitgevoerd in de VS. De voorgestelde oorzaken lopen uiteen van: grotere percelen, de opkomst van uniforme gewas monoculturen, het verlies van inheemse en natuurlijke habitat, de toename van het zaaien in de herfst, en tot slot, het toegenomen gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Auteurs Pierre Mineau en Melanie Whiteside hebben getracht te bepalen in welke mate de achteruitgang van weidevogels in verband stond met het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de VS. De resultaten tonen aan dat de achteruitgang van vogels, in feite, het beste correleert met het gebruik van bestrijdingsmiddelen, in plaats van met de intensivering van de gewasproductie.

A study by Pierre Mineau and Melanie Whiteside points to pesticide use as the single most important indicator of grassland bird declines in the U.S.

A study published Tuesday points to pesticide use as the single most important indicator of grassland bird declines in the U.S., raising long held concerns over wildlife impacts. Researchers in the UK and Denmark have studied why grassland birds have declined faster than birds in any other biome – many linking declines to pesticide use– but similar research had not been conducted in the U.S. Proposed causes have ranged from: larger fields, the rise of uniform crop monocultures, the loss of native and natural habitat, the increase in autumn sowing and finally, the increase to fertilizer and pesticide inputs. Authors Pierre Mineau, PhD., senior research scientist on pesticide ecotoxicology with Environment Canada, and Melanie Whiteside sought to determine to what extent grassland bird declines were linked to agrochemical use in the U.S. The results show that bird decline are, in fact, most correlated to pesticide use, rather than the intensification of crop production.

Agrarisch natuurbeheer levert nauwelijks of geen resultaten op

Tijdens het minisymposium over agrarisch natuurbeheer op 15 februari bij Alterra Wageningen UR kwamen de resultaten van diverse promotie- en postdoc-onderzoeken aan de orde. Het blijkt dat de resultaten voor agrarisch natuurbeheer maar matig zijn. Botanisch slootkantbeheer in veenweidegebied leidde niet tot een toename van plantensoorten. In de afgelopen vijf jaar is in een regio met veel akkerranden het aantal veldleeuweriken met 40% afgenomen. Het mozaïekbeheer leidt niet tot trendbreuk in aantallen weidevogels.

Jaap Dirkmaat: door schaalvergroting in de landbouw raken de laatste natuurgebieden op slot

"Het Europese cultuurlandschap staat zwaar onder druk. Zo zijn, met name door schaalvergroting in de landbouw, veel bomen gekapt, heggen verwijderd en slootjes gedempt. De laatste natuurgebieden raken hierdoor op slot." Aldus, Jaap Dirkmaat, directeur van de Vereniging Nederlands Cultuurlandschap. Hij schreef een boek over de ontstaansgeschiedenis, het belang en de teloorgang van het Europese cultuurlandschap: 'Mooi Europa'. Dirkmaat wil meer aandacht voor het Europese cultuurlandschap. Bovenal omdat zij inspiratiebron kan zijn voor een grootscheepse aankleding van de huidige Europese landbouwprairies.

Die Umweltschutzorganisationen BUND und Greenpeace fordern ein Verbot der in Deutschland inzwischen großflächig eingesetzten Neonikotinoide

Diese Pestizide haben einen erheblichen Anteil am Sterben unzähliger Bienenvölker und dem Verlust der Artenvielfalt insgesamt. In einer heute in Berlin vorgestellten Studie (Beilage) behauptet der Industrieverband Agrar (IVA), die Insektizide hätten zahlreiche positive Markt- und Umwelteffekte. Durch ein Verbot der Neonikotinoide sieht der Industrieverband den Saatschutz für den Anbau von Raps und Zuckerrüben gefährdet. Dabei könnte auf gefährliche Pestizide ohne Weiteres verzichtet werden, wenn die Pflanzen nicht mehr in Monokulturen angebaut würden. Tomas Brückmann, BUND-Pestizidexperte: „Die für die Bestäubung unzähliger Kulturpflanzen und damit für unsere Ernährung extrem wichtigen Bienen sind in Gefahr. Die Neonikotinoide sind dafür wesentlich verantwortlich. Um den Verlust der Bienenvölker zu verhindern, müssen Neonikotinoide umgehend vom Markt genommen werden.“

In Deutschland, wo der Wiedehopf bis ins 20. Jahrhundert hinein recht häufig war, brüten nur noch rund 310-460 Paare, in Österreich etwa 400-600 und in der Schweiz 100-150

In Nordwest- und Nordeuropa (Großbritannien, Island, Irland, Schweden, Norwegen, Finnland und Dänemark) fehlt der Wiedehopf (Upupa epops). Häufig ist der Wiedehopf noch in Russland ( 70.000-200.000 Brutpaare) und in den Mittelmeerländern. Allein in Spanien brüten bis zu 710.000 Paare. In Mitteleuropa brütet der Vogel noch in den meisten Ländern, doch 90 % des mitteleuropäischen Bestandes ist in Ungarn (10.000-17.000 Paare) und Polen (10.000 –15.000 Paare) beheimatet. In Deutschland, wo der Wiedehopf bis ins 20. Jahrhundert hinein recht häufig war, brüten nur noch rund 310-460 Paare, in Österreich etwa 400-600 und in der Schweiz 100-150.

De aantallen van de veldleeuwerik, graspieper en gele kwikstaart zijn in de laagveengebieden in Noord- en Zuid-Holland sinds 2000 meer dan gehalveerd

De landelijke populaties van grutto (Limosa limosa), tureluur (Tringa totanus), scholekster (Haematopus ostralegus) en kievit (Vanellus vanellus) liggen in 2009 grofweg 10 tot 60 procent onder het niveau van 1990. Volgens een recente schatting van SOVON is de grutto in Nederland gedaald van circa 100.000 broedparen midden jaren tachtig naar een kleine 60.000 in 2004. Ook zangvogels die op landbouwpercelen broeden, zijn sinds 1990 achteruit gegaan. Van het aantal veldleeuweriken (Alauda arvensis) is nog maar 30% over van de aantallen aan het begin van de jaren negentig. De ontwikkeling van de weidevogelaantallen vertoont duidelijke verschillen tussen de verschillende regio's in het land. In het westen en zuidwesten bleven de aantallen van de steltlopers in de jaren negentig stabiel of gingen zelfs vooruit, terwijl in het noorden en oosten de meeste soorten een afname lieten zien. Maar na de eeuwwisseling loopt de weidevogelstand ook in het westen en zuidwesten sterk terug, vooral in de laagveengebieden in Noord- en Zuid-Holland. De aantallen van de veldleeuwerik, graspieper (Anthus pratensis) en gele kwikstaart (Motacilla flava) zijn hier sinds 2000 zelfs meer dan gehalveerd.

Syndicate content