Monam Cleanstart kan voorlopig nog gebruikt worden in de lelieteelt. Dat stelt staatssecretaris Sharon Dijksma op vragen van de PvdD

De PvdD, met bijval van PvdA en GL, stelde dat het middel van de markt moest worden genomen. Uit een recente uitzending van Zembla zou blijken dat de gewasbescherming in de lelieteelt slecht zou zijn voor omwonenden. De partijen willen dat de staatssecretaris een daad stelt door het middel Monam direct van markt te halen. 'Monam mag alleen gebruikt worden onder zeer strikte voorwaarden en met specifieke apparatuur,' zei Dijksma. 'Het middel is toegestaan tot eind 2014. Ik jaag de sector wel op om op zoek te gaan naar alternatieven.' In januari 2014 komt de Gezondheidsraad met een advies over de effecten van gewasbescherming op de volksgezondheid. Dijksma wil dat advies als basis gebruiken voor een debat over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. De bewindsvrouw liet weten het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen (Ctgb) om advies te hebben gevraagd.

Het grondontsmettingsmiddel Metam-Natrium staat sinds 12 juli 2012 weer op de Annex I-lijst - In Nederland wordt het middel gezien als essentieel

Scofcah, het permanent comité voor voedselveiligheid en diergezondheid van de Europese Commissie, heeft metam-natrium op de Annex I-lijst geplaatst. Daarmee komt het behoud van het grondontsmettingsmiddel een stap dichterbij. Het Annex I-besluit treedt op 12 juli dit jaar in werking. Actieve stoffen van gewasbeschermingsmiddelen moeten op de lijst Annex I staan voordat een middel in een EU-lidstaat mag worden toegelaten. Scofcah heeft wel een aantal beperkingen opgelegd. Een grondontsmetting met metam-natrium (merknaam: Monam Cleanstart) is maximaal eens per drie jaar toegestaan op hetzelfde perceel. In onbedekte teelten, zoals aardappelen en bollen, is maximaal 300 liter per hectare toegestaan.

Een beschrijving van incidenten met het grondontsmettingsmiddel metam-natrium

In combinatie met bodemvocht wordt metam-natrium omgezet in het schadelijke gas methylisothiocyanaat (MITC). Onnauwkeurig gebruik en/of stabiele weerscondities (warm, windstil, mistig,....) zorgen ervoor dat de gassen in de omgeving blijven hangen. Buurtbewoners klagen dan over de irriterende werking van deze stoffen (en soms ook over een doordringende geur). Afhankelijk van het bodemtype kan MITC tot 12 dagen of meer in de bodem aanwezig blijven. Naast MITC en waterstofsulfide kunnen ook methylisocyanaat (MIC), koolstofdisulfide en methylamine gevormd worden. Als MIC in contact komt met lucht verspreidt ze zich razendsnel, zoals bij de gasramp in Bhopal in India van 1984.

De GGD in Noord-Nederland maakt zich zorgen over het gebruik van landbouwgif en wil dat er een groot onderzoek komt

Mensen die bloot worden gesteld aan landbouwgif kunnen last krijgen van ernstige ademhalingsproblemen, prikkelende ogen en huiduitslag. Het gaat om Metam Natrium. Dat is een giftig grondontsmettingsmiddel, waarmee lelievelden worden bewerkt voordat er bollen worden geplant. Volgens milieuarts Frans Duijm van de GGD komen er niet heel veel klachten binnen, maar wil de GGD wel weten wat de precieze gevolgen voor de gezondheid zijn van de middelen. Op 21 november 2013 was er een uitzending van het onderzoeksprogramma Zembla van de Vara over landbouwgif. Daarin wordt ook een incident uit 2011 uit Veeningen genoemd waarbij iemand ziek is geworden. Tweede Kamerlid Esther Ouwehand (PvdD) heeft staatssecretaris Sharon Dijksma van Landbouw hierover naar het vragenuurtje van de Kamer op 26 november geroepen. Ouwehand vond dat Dijksma het middel onmiddellijk zou moeten verbieden. De staatssecretaris zei dat de Gezondheidsraad begin 2014 komt met de resultaten van een onderzoek naar het bestrijdingsmiddel. Op grond daarvan wilde Dijksma eventueel maatregelen nemen, want "het moet wel zorgvuldig gebeuren". In een reactie schrijft de toxicoloog Henk Tennekes dat de GGD zich terecht zorgen maakt over het landbouwgif metam-natrium omdat een mogelijk verband met ademhalingsproblemen al in 1994 in de wetenschappelijke literatuur werd beschreven en passen bij de symptomen die bij omwonenden van percelen waar het middel toegepast is werden vastgesteld (ademhalingsproblemen, prikkelende ogen en huiduitslag). Het middel is sinds 2010 door de Europese Unie verboden, maar mag in Nederland nog tot 31 december 2014 worden gebruikt. Het is onbegrijpelijk dat het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) het besluit van de EU niet integraal heeft overgenomen, aldus Tennekes.

Zorgen om de biodiversiteit van Hoeksche Waards Landschap

'Natuurlijke berm geeft energie’ is de titel van het rapport, dat de werkgroep C-factor van Hoeksche Waards Landschap (HWL) heeft samengesteld vanuit de zorg dat steeds meer bloemrijk grasland verdwijnt. Het gevolg is niet alleen een minder mooi aanzien, maar het betekent vooral een verlies van biodiversiteit. Doelstelling van de werkgroep is een biodiversiteit gericht beheer van de groenblauwe dooradering en een bijdrage leveren aan de nuttige toepassing van koolstof die is vastgelegd in het plantenmateriaal. In de Hoeksche Waard wordt 224 hectare aan dijktaluds en bermen door HWL ecologisch beheerd. Het totaal aantal hectares zonder productie functie is meer dan duizend. Er is een enorme winst te behalen als het op biodiversiteit gerichte beheer fors wordt uitgebreid. Het rapport is op te vragen via milieu@hwl.nl en binnenkort af te halen in Klein Profijt (Oud-Beijerland) en het Nationaal landschap centrum (NLC) (Numansdorp).

Scottish seabird numbers continue to decline

SEABIRD numbers are continuing to dwindle according to a new report which has sparked renewed calls for action to avoid internationally important species vanishing from Scotland’s coasts. Figures from Scottish Natural Heritage (SNH) show a continuing downward trend in the number of seabirds nesting on Scottish shores, with numbers falling by almost half (46 per cent) since the 1980s and eight per cent in the past five years. Counts carried out across the country found nine of the 11 species studied since 1986 have shown a marked decline, with the Arctic skua suffering the most severe drop. Populations of the bird were last year at their lowest since the study began, showing an overall drop of 80 per cent and a five per cent drop between 2011 and 2012. The Arctic tern and black-legged kittiwake have also experienced marked declines, with numbers dropping by 72 per cent and 68 per cent respectively. Only two species, the black guillemot and common gull, were shown to have stable populations. Conservationists say the updated report confirms their “worst fears” and urgent steps must be taken to halt the seabirds’ decline.

Two butterfly species native to Florida were declared extinct

"Occasionally, these types of butterflies disappear for long periods of time but are rediscovered in another location," said Larry Williams, U.S. Fish and Wildlife state supervisor for ecological services. We think it’s apparent now these two species are extinct." Neither species has been seen in any environment for at least nine years, the latter of the two not being seen since 2000. This calamity is only made worse by the fact that so much could have been done in order to save these creatures. The first species, the Zestos skipper butterfly (Epargyreus zestos oberon), had strong bodies with large black eyes and large wings that were adorned with spots that looked like eyes. While the Zestos skipper was visibly declining in its environment, the subspecies was denied access to the U.S.’s Endangered Species Act (ESA) because of the confusion between it and other skipper species in the Bahamas. In the end, what was thought to be a bountiful reserve in the Bahamas proved to be a completely different species. By the time the mistake was realized it proved too late. The Rockland grass skipper butterfly (Hesperia meskei pinocayo), an amber golden insect with club like antenna and black eyes, was similarly thought to be making a comeback as the species that had not been seen since the 80’s was spotted back in 2000. But is now believed extinct.

We live in a land which may be one of the richest in the world in terms of money, but in terms of biodiversity, it has become one of the poorest

Awide-ranging alliance of wildlife conservation groups, large and small, last week published a remarkable report entitled The State of Nature: a comprehensive audit of what has happened to the natural world in Britain over the past half-century. The report is a stock-taking, and what it amounts to is an unprecedented synthesis of loss. No fewer than 60 per cent of the examined species have declined in numbers, 30 per cent have declined by more than half, and 10 per cent are threatened with extinction. Do people realise? Do they take it on board? For younger men and women, it’s hard to miss something you may never have known, but here is an unassailable documentation of an astonishing and unfortunate fact about our nation, about the United Kingdom. We now have a countryside which has lost 97 per cent of its flower-rich meadows, 90 per cent of its coppiced woodland and 80 per cent of its heathland – a countryside which, since the 1960s, has lost an estimated 44 million pairs of breeding birds and 72 per cent of its butterflies.

Nederland zou zijn graantje kunnen meepikken van de biologische revolutie in Duitsland

Schappen in Duitse winkels die eigenlijk gevuld zouden moeten zijn met biologische producten zijn momenteel steeds vaker leeg. Noodgedwongen importeren onze oosterburen daarom steeds vaker biologisch voedsel, ook uit Nederland. Duitsers zijn heel alert op het thema voedselveiligheid, ze kopen ook drie keer zoveel bioproducten dan andere landen in Europa. En zo zou ook Nederland zijn graantje kunnen meepikken van de grote Duitse vraag naar ecologische producten. Siem Korver, buitengewoon hoogleraar voedingseconomie aan de Universiteit van Tilburg, heeft nog wel enkele opmerkingen. Hij erkent dat sprake is van een tekort is aan biologische producten, maar wijst er tevens op dat slechts 4 tot 10 procent van de voedselproductie biologisch is. Beter is het, volgens Korver, om goed te kijken naar de verdere verduurzaming van de gangbare landbouw dan alleen maar concentreren op biologische landbouw.

Lijst van Nederlandse waterschappen

Als gevolg van fusies resten er per 1-1-2013 nog 25 waterschappen. De nummering komt overeen met de kaart.1.Waterschap Noorderzijlvest (Groningen, Friesland en Drenthe); 2.Wetterskip Fryslân (Friesland en Groningen); 3.Waterschap Hunze en Aa's (Groningen en Drenthe); 4.Waterschap Reest en Wieden (Drenthe en Overijssel); 5.Waterschap Velt en Vecht (Drenthe en Overijssel); 6.Waterschap Groot Salland (Overijssel); 7.Waterschap Regge en Dinkel (Overijssel); 8.Waterschap Vallei en Veluwe (Utrecht en Gelderland); 9.Waterschap Rijn en IJssel (Gelderland en Overijssel); 10.Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (Utrecht en Zuid-Holland); 11.Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht (Noord-Holland, Utrecht en Zuid-Holland); 12.Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (Noord-Holland); 13.Hoogheemraadschap van Rijnland (Zuid-Holland en Noord-Holland); 14.Hoogheemraadschap van Delfland (Zuid-Holland); 15.Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard (Zuid-Holland); 16.Waterschap Rivierenland (Gelderland, Zuid-Holland, Noord-Brabant en Utrecht); 17.Waterschap Hollandse Delta (Zuid-Holland); 18.Waterschap Scheldestromen (Zeeland); 19.Waterschap Brabantse Delta (Noord-Brabant); 20.Waterschap De Dommel (Noord-Brabant); 21.Waterschap Aa en Maas (Noord-Brabant); 22.Waterschap Peel en Maasvallei (Limburg); 23.Waterschap Roer en Overmaas (Limburg); 24.Waterschap Zuiderzeeland (Flevoland); 25.Waterschap Blija Buitendijks (Friesland).