Ctgb legt beperkende voorwaarden op aan gebruik metam-natrium

risk.gif

Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) stelt vanaf 25 augustus beperkende voorwaarden aan het gebruik van middelen op basis van metam- natrium. Met deze nieuwe aanvullende voorwaarden wordt voldaan aan het beschermingsniveau voor omwonenden en in het bijzonder die voor kinderen. Naar aanleiding van de schorsing van 28 mei 2014 van de toelating van de metam-natrium houdende gewasbeschermingsmiddelen, heeft de toelatinghouder nieuwe wetenschappelijke informatie aangeleverd. Daarnaast heeft de toelatinghouder, vanwege een herregistratie, dezelfde informatie aangeleverd aan de Belgische toelatingsautoriteit. De beoordeling van de gegevens heeft dan ook in nauwe samenspraak met België plaatsgevonden. Hieruit blijkt dat de betreffende middelen veilig kunnen worden gebruikt met aanvullende, strikte voorwaarden; namelijk: Een onbehandelde bufferzone van 150 meter tussen behandeld perceel en de kadastrale grens van woningen en overige verblijfsplaatsen waar mensen langere tijd verblijven, zoals winkels, scholen, bedrijven en kantoren; Afdekking van het perceel direct na behandeling voor minstens 14 dagen met virtually impermeable film (VIF); Inbrengen op tenminste 20 centimeter diepte; Maximaal te behandelen areaal van 1 hectare, met minimaal 150 meter afstand tussen behandelde velden.

Tussen 2003 en 2010 is het aantal duurzame boeren in de EU vertienvoudigd

Vogel1.jpg

Elk jaar komen er 500.000 hectaren bij aan nieuwe biologische landbouwgrond. Dat blijkt uit de meest recente statistieken van de EU. Zowel het aantal biologische boerenbedrijven als het landbouwareaal groeide met meer dan 50 procent tussen 2003 en 2010. In 2011 had de EU 9,6 miljoen hectaren biologische landbouwgrond. In 2010 waren er 186.000 duurzame boerenbedrijven verdeeld over de 27 EU-landen. Biologische landbouw is gedefinieerd als voedselproductie met een minimale impact op het milieu door zo natuurlijk als mogelijk te opereren. De EU heeft diverse standaarden hiervoor die het gebruik van chemicaliën, pesticiden, kunstmest en medicijnen voor dieren reguleren. Genetisch gemodificeerde organismen mogen niet gebruikt worden in biologische landbouw.

Michiel van Geelen (Greenpeace): Imidacloprid debacle toont symptomen van falend beleid

vogels[1].jpg

Onlangs verscheen de zoveelste studie waaruit blijkt dat het gebruik van toegelaten, en dus veilig bevonden, bestrijdingsmiddelen toch schadelijke effecten heeft. Al in 2010 ontdekte de Nederlandse toxicoloog Henk Tennekes dat neonicotinoïden zoals het veel gebruikte imidacloprid bij langere blootstelling letale effecten kunnen veroorzaken bij lage concentraties. Hij waarschuwt sindsdien voor de ernstige achteruitgang van vele soorten insecten en andere ongewervelden en de indirecte effecten hiervan op andere diersoorten. De voorspellingen van Tennekes werden bevestigd door een mei vorig jaar verschenen studie van de Universiteit van Utrecht, waaruit een sterk verband bleek tussen de normoverschrijding van imidacloprid in het oppervlaktewater en de verminderde aanwezigheid van aquatische insecten zoals libellen, waterjuffers en eendagsvliegen. Het meest recente onderzoek werd uitgevoerd door de Radboud universiteit en gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Nature, en liet een sterke correlatie zien tussen de concentratie imidacloprid in oppervlaktewater en de achteruitgang van de vogelstand. Volgens Greenpeace gaat het hierbij niet om incidenten maar om symptomen van een falend toelatingsbeleid. Keer op keer blijkt men de risico’s van pesticiden voor mens en natuur te onderschatten, terwijl het risicobeperkende effect van steeds complexere gebruiksvoorschriften juist wordt overschat. Dit wijst op structurele tekortkomingen van de huidige procedures voor risicoanalyse en toelating van bestrijdingsmiddelen.

Kamer wil af van de neonicotinoïden

biodiversity[1].jpg

Landbouwgiffen op basis van zogenoemde neonicotinoïden moeten zo snel mogelijk worden verboden in Nederland. Daar pleit een meerderheid in de Tweede Kamer voor nu uit nieuw onderzoek is gebleken dat het landbouwgif grote invloed heeft op de populatie insecten én vogels. Coalitiepartij PvdA en oppositiepartijen PVV, D66, SP, GroenLinks en de Partij voor de Dieren (PvdD) willen de middelen zo snel mogelijk van de markt. Ook al is dat in strijd met Europese regels voor de interne markt: producten die in de ene lidstaat vrij te verkrijgen zijn, mogen in een andere lidstaat niet zomaar worden verboden. PvdA, D66 en SP hebben Kamervragen ingediend, de PvdD wil een debat.

Toxicoloog Henk Tennekes wil dat tijdschrift Nature de vogelstudie van Nijmeegse biologen rectificeert

book_default[1].jpg

Henk Tennekes staat volledig achter de inhoud van het stuk dat vorige week werd gepubliceerd. Maar hij neemt het de auteurs kwalijk dat zij zijn wetenschappelijke publicaties niet hebben genoemd in hun lijst referenties. De schrijvers verwijzen naar 24 andere studies, maar niet naar twee wetenschappelijke artikelen en een Engelstalig boek van Tennekes, die al in 2010 een verband legde tussen het gebruik van bestrijdingsmiddelen en de teruggang van vogels. Tennekes stuurde de auteurs een mailwisseling met dierecoloog Bruno Ens van Sovon Vogelonderzoek Nederland. Tennekes schreef Ens in juli 2011: "Het staat naar mijn oordeel buiten kijf dat onmisbare voedselbronnen van de kluut acuut bedreigd worden door extreme oppervlaktewaterverontreiniging met insecticiden, met name imidacloprid." Ens antwoordde in maart 2012 dat hij de stukken had bestudeerd, maar dat hij de analyses niet overtuigend vond. Maar, schreef Ens, inmiddels waren in Nijmegen biologen bezig met hun studie.

Na vijf jaar alarm slaan krijgt Henk Tennekes gelijk

zutphen.jpg

Henk Tennekes (63) was werkzaam in het kankeronderzoek. Vijf jaar geleden ontdekte hij dat de neonics op insecten het effect hebben van kankerverwekkende stoffen. Hij publiceerde in wetenschappelijke bladen over zijn bevindingen. "Mijn conclusie was dat er geen veilige ondergrens is voor deze klasse van insecticiden, iedere blootstelling is te hoog. Ik heb toen al mijn bezorgdheid geuit over het risico van een breuk in de voedselketen. De pest is dat 90 procent van deze moeilijk afbreekbare middelen in het milieu komt, in het oppervlaktewater. Dat hebben de waterschappen inmiddels ook kunnen vaststellen. Van dat water leven vissen, vogels, vleermuizen, egels, amfibieën, reptielen, noem maar op. Als de vogels uit het boerenland verdwijnen, dan dondert op enig moment die hele voedselketen in elkaar. Ik waarschuw daar al jaren voor." Veel gehoor kreeg Tennekes niet in de eerste jaren, ook niet van erkende vogelexperts. Gisteren kreeg toxicoloog Tennekes een beetje meer gelijk. Nijmeegse biologen publiceerden een onderzoek waaruit blijkt dat neonics niet alleen schadelijk zijn voor bijen en hommels maar ook voor veel vogelsoorten.

Vragen van Henk Van Gerven (SP) aan de staatssecretaris van EZ over vogelsterfte door imidacloprid en aansprakelijkheid voor vervuiling (ingezonden 11 juli 2014)

logo-tweede-kamer.jpg

1. Kent u het artikel in Biologen: Vogels lijden onder ‘bijengif’? 1); 2. Onderkent u het verband tussen het gebruik van het middel imidacloprid in de landbouw en de achteruitgang van 15 weidevogels zoals spreeuw, veldleeuwerik, boerenzwaluw en ringmus?; 3. Bent u bereid de toelating van het middel imidacloprid met onmiddellijke ingang op te schorten en bent u bereid het middel –gelijk met de opschorting- te laten herbeoordelen in de reguliere procedure?; 4. Bent u bereidt de producent van imidacloprid juridisch aansprakelijk te stellen voor de schade aan de natuur die door het middel imidacloprid is aangericht, of althans de mogelijkheden hiertoe te onderzoeken?

Toxicoloog Henk Tennekes uit Zutphen waarschuwt al jaren voor de schadelijke gevolgen voor het milieu door het gebruik van bepaalde pesticiden

ant0516ss-mesene-bf[1].jpg

Insectenetende vogels, zoals spreeuw (Sturnus vulgaris) en boerenzaluw (Hirundo rustica) gaan sterker achteruit in gebieden met hoge concentraties van de neonicotinoïde imidacloprid in het oppervlaktewater. Dit blijkt uit een analyse van gedetailleerde gegevens over milieufactoren en trends van algemene insectenetende vogels in het boerenland. Het wetenschappelijk tijdschrift Nature publiceert de studie van biologen van de Radboud Universiteit en van Sovon Vogelonderzoek Nederland vandaag. Toxicoloog Henk Tennekes uit Zutphen waarschuwt al jaren voor de schadelijke gevolgen voor het milieu door het gebruik van bepaalde pesticiden.

Nederlandse ecologen bevestigen nu ook dat milieuverontreiniging met imidacloprid de boerenlandvogels zal uitroeien

uga9903sh1birds8x700.jpg

De vogelstand daalt in gebieden waar hogere concentraties van het bestrijdingsmiddel imidacloprid in het oppervlaktewater worden gevonden. De spreeuw en de boerenzwaluw - algemeen voorkomende insecteneters - nemen in aantal af als er meer van het gewasbeschermingsmiddel in het water zit. Dit blijkt uit uitgebreid onderzoek van de Radboud Universiteit in Nijmegen in samenwerking met Sovon Vogelonderzoek Nederland. Het onderzoek is gepubliceerd in het vooraanstaande wetenschappelijk tijdschrift Nature. Voor het onderzoek is gebruik gemaakt van gegevens van de waterschappen over bestrijdingsmiddelen in oppervlaktewater in de periode van 2003 tot 2009 en over de vogelpopulaties in de periode van 2003 tot 2010 in Nederland. Conclusie is dat in gebieden met hogere concentraties van imidacloprid in oppervlaktewater er sprake is van een daling van de vogelstand of een verminderde groei van de vogelstand.

De ecosystemen die het leven op aarde dragen gaan naar de knoppen door de neonicotinoiden

2010-Internationaal-Jaar-van-de-Biodiversiteit-postzegel-Portugal-set-nr-3[1].jpg

Vier jaar lang heeft de zogenaamde Task Force on Systemic Pesticides op vraag van de International Union for the Conservation of Nature (IUCN) de gevolgen van het gebruik van de nieuwe generatie van pesticiden onderzocht. Die expertengroep bestaande uit een dertigtal wetenschappers uit vijftien landen, heeft ruim achthonderd collegiaal getoetste wetenschappelijke studies doorgenomen en hun conclusies samengebracht in een Worldwide Integrated Assessment (WIA). Die wereldwijde integrale beoordeling besluit dat de zogenaamde systemische pesticiden niet alleen een ernstig gevaar vormen voor bestuivende insecten, maar ook voor talloze ongewervelde bodemdieren, zoals regenwormen en mijten, en evengoed voor gewervelde dieren zoals vogels.

Inhoud syndiceren