Gierzwaluw, spreeuw en huismus verdwijnen uit Alkmaar

Alkmaar is een van de weinige steden in Nederland waar een traditie opgebouwd is van het inventariseren van in de stad broedende vogels. De eerste inventarisatie vond reeds in 1984 plaats en daarna is dit elke 10 jaar herhaald. In 2013-2014 is voor de vierde keer een inventarisatie uitgevoerd van alle broedvogels in het stedelijke gebied van Alkmaar. In deze ca. 30 jaar is op deze wijze een unieke serie ontstaan. Tot en met 1994 was de huismus (Passer domesticus) de meest talrijke broedvogel in Alkmaar, maar inmiddels is de vogel uit de top tien verdwenen.

Scherpe aantalsdaling onder karakteristieke broedvogels van het Drentse agrarische gebied

Sinds 2009 worden er in Drenthe systematisch broedvogels in agrarische gebieden geteld, volgens de punttelmethode. Hiervoor is een meetnet van honderden telpunten neergelegd waarvan een steeds groter deel jaarlijks door vrijwilligers van Werkgroep Grauwe Kiekendief wordt geteld. Naast de tellingen door de vrijwilligers vindt elke drie jaar, in opdracht van provincie Drenthe, een herhalingstelling plaats op ongeveer 150 telpunten.

Raad van State wijst de onderbouwing van het bollen- en sierteeltverbod in Ommen af

De Raad van State heeft het algemene bollen- en sierteeltverbod in grondwaterbeschermingsgebieden van de gemeente Ommen afgeschoten. Landbouwlobby LTO maakte namens vijf Ommer bollentelers met succes bezwaar tegen het bollen- en sierteeltverbod dat de gemeente in haar bestemmingsplan voor het buitengebied heeft opgenomen. In een definitieve uitspraak stelt de Raad van State dat Ommen het algemene verbod niet goed heeft onderbouwd.

Neonicotinoïden veroorzaken infectieziektes bij honingbijen en insectivore soorten

Jarenlang hebben toxicologen gegevens verzameld over de onderdrukking van het immuunsysteem van gewervelde dieren door blootstelling aan lage concentraties van bestrijdingsmiddelen. De milieuverontreiniging met neonicotinoïden veroorzaakt niet alleen een schaarste aan insecten maar kan ook een immuunsuppressieve werking hebben op bijen en insectivore soorten die op insecten zijn aangewezen. We zien dan ook in de laatste twee decennia een explosieve toename van infectieziektes bij honingbijen, hommels, vissen, vogels, vleermuizen, amfibieën en reptielen (zie bijgevoegde artikelen).

Sterke achteruitgang van doortrekkende kemphanen in Zuidwest Fryslân

De kemphaan (Philomachus pugnax) is een vogel uit de familie van snipachtigen (Scolopacidae). Hun voedsel bestaat uit insecten en larven. Het is in Nederland een ernstig bedreigde broedvogel die vroeger veel voorkwam in natte weilanden van laag-Nederland. Als broedvogel is de vogel bijna uitgestorven in Nederland. In 1950 broedden er in Nederland nog 6000 paar, in 1980 800-1100 en rond 2002 nog maar 120 en daarna ging het verder bergafwaarts. In 2012 waren er vier meldingen van vogels die mogelijk hadden gebroed. Sinds 2002 neemt ook het aantal doortrekkers sterk af.

Onderzoek in de VS laat zien dat bijen ook last hebben van gif buiten de landbouw

Amerikaans onderzoek toont aan dat bijen veel in contact komen met chemicaliën die buiten de landbouw worden gebruikt. De wetenschappers vinden dat meer onderzoek nodig is om conclusies te kunnen trekken. Toxicoloog Henk Tennekes is het daarmee eens. "Er is weinig bekend over de risico's van chemische stoffen die buiten de landbouw worden gebruikt. Maar dat kan nooit een reden zijn om het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de landbouw vrij te pleiten. De leefomgeving wordt daar zwaar mee belast. Het Amerikaanse onderzoek bevestigt dit.

Het Westland helpt ons van de wal in de sloot - minder imidacloprid, meer thiamethoxam

De totale hoeveelheid imidacloprid nam af in de polders met veel glastuinbouw, volgens Hoogheemraadschap Delfland. Maar deze afname wordt tenietgedaan door een gelijktijdige toename van vergelijkbare bestrijdingsmiddelen zoals thiamethoxam. Dat blijkt uit de waterkwaliteitsrapportage 2015 van Delfland. Het schap noemt de voortgang nog niet voldoende.

De Q-koorts cover-up van Gerda Verburg

Voormalig landbouwminister Gerda Verburg heeft bewust de ernst van de uitbraak van de Q-koorts epidemie, inmiddels acht jaar geleden, gebagatelliseerd. Dat zegt burgemeester Jan Boelhouwer van Gilze en Rijen die de ziekte zelf opliep. "Vooral door toedoen van Verburg heeft deze ziekte verschrikkelijk veel ellende kunnen veroorzaken.'' De burgemeester schaart zich daarmee in de rij kritikasters van overheidsaanpak Q-koorts. 'Minister Verburg wist veel meer dan ze zei.'

De intensieve veehouderij heeft in Brabant geen toekomst

Die overtuiging heeft Jos van de Sande, de GGD-arts die bekend staat als dé autoriteit op het terrein van de Q-koorts. De publieke opinie zal, samen met de concurrentie uit het buitenland, ervoor zorgen dat de veestapel in Brabant over twintig jaar verdwenen is. "In Nederland zijn de afstanden, tussen mens en dier en tussen de stallen, gewoonweg te klein. Al die grote aantallen dieren op elkaar gepakt... Geïsoleerd op de Maasvlakte zou nog kunnen, maar niet meer in Brabant." Van de Sande zwaait deze maand op 65-jarige leeftijd af.

De omschakeling van gangbaar naar biologische landbouw wordt vergemakkelijkt

Staatssecretaris Martijn van Dam van Economische Zaken introduceert een borgstelling voor financiering van het werkkapitaal, om zo de drempel voor de omschakeling voor agrarisch ondernemers te verlagen. Staatsecretaris Van Dam: ‘Bedrijven kunnen met de garantieregeling gemakkelijker financiering krijgen voor de omschakeling. Ik hoop hiermee een stimulans te geven aan de groei van de biologische sector in Nederland. Als meer gangbare boeren overstappen naar biologisch, dan helpt dat in onze ambitie voor een duurzame landbouwsector.’